Walsen, ruiken, slurpen en euhm… stikken

Wie zich wat meer in wijn gaat verdiepen en af en toe een proeverij bezoekt, komt er niet onderuit: walsen, slurpen en proberen te achterhalen wat er in hemelsnaam allemaal in de wijn te proeven is én te ruiken.

In het begin rook ik vooral gewoon wijn, maar je zult zien dat je na een tijdje daadwerkelijk ineens zoiets als ‘grapefruit’ roept en nog gelijk hebt ook. Dat was in ieder geval mijn trotse moment tijdens één van mijn eerste proeverijen in een wijnwinkel. Ik dacht altijd dat het herkennen van smaken vooral was weggelegd voor de wijnsnobs en mensen met wijndiploma’s, niet voor mensen zoals ik met een veterstrikdiploma. Maar goed, ik kwam, ik zag, ik rook, walste en slurpte en zowaar kwam er grapefruit in mij op. Op het moment dat ik het hardop zei (iets te hard uit enthousiasme vrees ik) was ik toch bang om keihard uitgelachen te worden door de wijnkenners om mij heen. Gelukkig kreeg ik een goedkeurend knikje voordat de experts weer verder gingen. Achter de rug van een boomlange wijnkenner heb ik toen mijn vriend een stiekeme high-five gegeven.

Je ziet mensen wel eens heel wijs met een  glas rondjes draaien zodat de wijn in het glas walst. Even een tip: schenk je glas niet te vol, want dan klotst het er geheid overheen. Reden voor het walsen is om de geur van de wijn beter te kunnen ruiken, omdat de aroma’s dan vrijkomen. Als je eerst aan de wijn ruikt zonder te walsen en na het walsen opnieuw ruikt, zal je het verschil merken. Alleen al door reuk kun je een wijn typeren als bloemig, fruitig, kruidig, honing, leer (ja echt) enzovoort. Mocht het walsen uit de losse pols niet echt lukken, dan kun je altijd het glas op tafel zetten en rustig ronddraaiende bewegingen maken terwijl je het glas bij de voet vasthoudt.

Het daaropvolgende slurpen kan nog een dingetje worden. Als je mijn vorige blog ‘Tupperwijn-party’ hebt gelezen kun je je misschien nog de wijnproeverij aan huis herinneren. Dat was mijn kennismaking met slurpen: zorgen dat er zuurstof bij de wijn komt om de smaken nog beter waar te kunnen nemen. Allemaal leuk en aardig, maar zorg voor een groot glas water binnen handbereik om, zeer waarschijnlijk, onophoudelijk hoesten te stoppen. Je neemt geen slok, maar je zuigt je wijn naar binnen. Alleen dan al merk je dat de wijn veel krachtiger is en je een heel andere smaakbeleving hebt dan wanneer je gewoon een slok neemt. Om het nog beter te kunnen proeven slik je de wijn niet gelijk door, maar houd je de wijn nog even in je mond. Zo heeft de drank de mogelijkheid om langs alle smaakpapillen (zout, zuur, zoet, bitter, umami) in je mond te gaan.

Eenmaal onder de knie kan het best leuk zijn om wijnen die je niet goed kent, of juist heel goed denkt te kennen, op die manier te ontdekken: walsen, ruiken, slurpen en dan vooral niet stikken. Proost!

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe blogs? Like dan de Wijndummy Facebookpagina!Wijndummy

Deel dit :